Kennisontwikkeling

Complexiteit, leren en leven in netwerken, orde en chaos

 

 

Friedrich Nietzche

 

Leven is lastig te omschrijven, maar men heeft wel de plaats ontdekt waar het leven gedijt: in het grensgebied tussen orde en chaos, waar informatie begint te 'smelten', maar nog niet heet genoeg is om in een wolk chaotisch gas te vervliegen. De essentiële rol van taal/communicatie, of liever het hanteren van het Griekse begrip logos, is evident. Hieruit sproeit het ideaal voort van het idee van het verwerven een uitgebalanceerde persoonlijkheid op het snijvlak van het leven, wat overigens vrijwel niet in taal is uit te drukken.

Leren is veel meer dan vroeger een proces van bekwaam worden. Het is een complexe, contextafhankelijke en in dialoog gestalte krijgend proces dat zich plaats in de ‘spleten’ tussen theorie en praktijk. Dansen op glad ijs; zoals de cliëntenbeweging in de verslavingszorg zegt. Didactisch spreek je over het verschijnsel - cognitive dissonantie. De katalysator

Voor gezamenlijke leerprocessen, - it takes two to tango - , voor het soepel en sierlijk vormgeven aan inspirerende leerprocessen.

Leren is in deze constructivistische opvatting niet een eenvoudig te plannen. Het is een niet-lineair en individueel cognitief proces. Het is bij uitstek een sociaal construct waarin tegelijkertijd vorm en inhoud worden bepaald als in een dans. Waarin de kennisontwikkeling contextueel is ingebed in leerprocessen die bepaald worden door actie, relatie en interactie. Het is daarmee veeleer een dialogische vaardigheid. Het belangrijkste kenmerk is daarbij het jezelf leren afstemmen op wat de ander inbrengt. Sensitiviteit voor herkenning, acceptatie en het gemakkelijk kunnen hanteren van dit spel met meervoudige betekenissen is een belangrijke succesindicator.

In een netwerk is er geen absolute referentie en alles verhoudt zich tot elkaar in een dynamisch evenwicht of spel. Netwerken zijn non-lineaire complexe verschijnselen; verklaringen van het gedrag van het systeem en het leven erin zijn afhankelijk van de samenstellende delen en de manier waarop ze in dynamische patronen interacteren. Daarbij geldt dat:

“Alle menselijke bedrijvigheid is als spel opgekomen, ernst tracht spel uit te sluiten, maar spel kan heel goed ernst insluiten.” Zoals Huizinga ooit schreef in Homo Ludens: “Spel boeit, bindt, bant en betovert en is vol van de twee edelste hoedanigheden die een mens in dingen kan waarnemen en zelf kan uitdrukken: ritme en harmonie.”

 Alles dus wat zowel ordentelijk als zonder orde kan verlopen, regulair en irregulier is, variant en invariant, constant en veranderend kan zijn verdient het predicaat complex. Dergelijke leerpraktijken staan dus chaos toe. Eigenlijk kunnen ze niet zonder, want ook hier geldt het adagium: wie orde zaait zal chaos oogsten.

Ons streven is om deelnemers te laten doorgronden en te ‘empoweren’ tot het inzicht dat ‘meer van hetzelfde niet werkt’.Waarin ze volledige beheersing krijgen over herstel(gerichte)competenties. En waarin deelnemers zich leren manifesteren door vitaliteit in een netwerk(samenleving) te kunnen creëren, waarin ze ,zichzelf  gevoed door persoonlijk leiderschap, hun  (relevante) kennis hebben verworven in  interactie en door hun (leiderschaps)gedrag, ruimte scheppen voor vitaliteit.